Ingrediënten:

1 (kleine) knolselder

25 gr gemalen kaas (gruyère of emmentaler)

1 el bloem

2 dl melk

25 gr boter

citroensap

peper en zout

Bereiding:

Snij de knolselder in vingerdikke plakken. Schil ze en leg ze meteen in een schaal met koud water en een flinke geut citroensap.

Breng de melk aan de kook met evenveel water. Laat de plakken knolselder in 4 à 5 minuten zacht koken, of tot ze beetgaar zijn.

Laat ze uitlekken (bewaar het kookvocht) en leg ze dakpansgewijs in een ondiepe ovenschaal.

Smelt de boter in een steelpannetje. Strooi er de bloem bij en roer goed glad. Leng aan met 3 dl kookvocht en roer voortdurend, tot de saus indikt. Laat nog 2 minuten zacht doorkoken, blijf intussen goed omroeren.

Doe er, van het vuur, de kaas bij en roer tot die gesmolten is. Breng op smaak met peper en zout. Lepel de saus over de knolselder. Zet 10 à 15 minuten in de oven op 175° C.